maandag 16 februari 2009

Jezelf geven of weggeven?

Dit weekend - met Valentijn! - las ik in De Morgen WAX (ik ben een fan!) een interessante column van psychotherapeute Lut Celie. Zij ontrafelt daarin wekelijks het complexe leven van volwassenen en kinderen.
Na het lezen van dit artikel ben ik blij dat ik op dit moment stilsta om na te denken waar ik gebleven ben in mijn verhaal. Lut Celie schrijft vooral over vrouwen die zich in een relatie en hun gezin helemaal wegcijferden. Maar ik lees het vooral in algemene termen. Je kan je ook voor je werk wegcijferen, en dan is je gezin net zo erg het slachtoffer. Gelukkig sta ik nu stil bij heel wat vragen. Wat wil ik nu wel en wat niet? Hoe kom ik tot rust? Hoe troost ik mezelf? Hoe stel ik mijn grenzen zodat ze aanvaard worden en gerespecteerd? Wat zijn mijn eigen prioriteiten? En zit het wel goed met het respecteren daarvan? In het artikel gaat het vooral over vrouwen die de trein niet tijdig hebben gestopt en die zichzelf zijn kwijtgespeeld in de loop van het traject. Zo ver laat ik het liever niet komen.
Lees verder voor het hele artikel.

Jezelf geven of weggeven?

Misschien vreemd dat dit thema op de feestdag van de liefde wordt aangesneden, maar de vraag die deze week binnenviel, leek in zoveel opzichten interessant dat negeren onverantwoord zou zijn. "Als het op de liefde aankomt, hoe bepaal je dan de grens tussen jezelf geven en jezelf weggeven? Hoe vind je evenwicht, binnen de zoektocht naar ultiem graag zien, tussen trouw blijven aan wie je bent en je uitsloven voor de andere(n)? Waar eindigt jezelf niet ontzien en concessies doen? Moet er altijd water bij de wijn, welke offers mogen wel en niet?" Opmerkelijk was vooral dat in de vraagstelling al een stuk van het antwoord zat: dat het belangrijk is naar een evenwicht te streven in de (nieuwe) zoektocht naar liefde.

Het dilemma is wellicht bekend bij vrouwen die zich in een relatie jarenlang hebben gegeven, daar het beste uit puurden, veel van zichzelf uitdeelden en iets minder terugkregen, of toch minder dan ze verwacht hadden. Tot ineens het besef doorweekt dat de voldoening zoek is, dat analyse en handelen zich opdringen. Eens gescheiden - 'bevrijd', zeggen sommigen - en opnieuw op zoek naar waarachtige verbindingen staan die vrouwen voor de hamvraag: hoe wil ik me geven in de toekomst zonder (alweer) stukken van mijzelf kwijt te spelen?

Opvallend is dat velen die de ware liefde betrachten niet meteen het traject uitkiezen dat innerlijk het best bij hen past, maar wel allerlei middelen uitproberen en compromissen sluiten om dat geluk snel te verwerven. Ze wéten doorgaans wel, rationeel toch, wat hen tot geluk kan voeren. Maar 'jezelf', wat is dat? Hoe ziet die kern die je wilt koesteren en bevredigen eruit? Nu is 'jezelf zijn' vandaag al niet simpel, je moet je door een groot takkenbos wringen, aan grote verwachtingen en triviale eisen voldoen. Blijkbaar zien anderen ook sneller wie jij bent. Hoeveel keer per dag wordt niet gezegd 'jij bent iemand die', en durft dat al eens af te wijken van wat je zelf vindt. Tot slot heb je de maatschappelijke tendensen die je als vrouw vandaag danig beïnvloeden. Wie vindt tussen die impulsen nog haar eigen kern?

Er is een groot verschil tussen jezelf geven en jezelf weggeven. Het eerste doe je nog binnen grenzen die je zelf bewaakt. Wie zich weggeeft, staat een deel van zichzelf af en ervaart dat als een verlies, als zich tekortdoen. maar hoe goed kennen we het eigen wezen en, eens gekend: hoe zorgen we voor onszelf? Geen sinecure.

Dat ervoer ook die vrouw van midden de veertig die het ineens echt niet meer wist. "Wat heb ik in mijn leven misdaan, om dit te verdienen?", stak ze van wal. "Twee kinderen heb ik grootgebracht. Ze zijn intussen volwassen. Ook voor mijn man, een bedrijfsleider, heb ik me totaal gegeven. Ik liet er zelfs mijn job voor staan. Ik gaf iedereen de zorg die nodig was. En nu zijn ze allemaal vertrokken, ook mijn man. Ik kom tot de vaststelling dat ik nooit mijn grenzen bewaakte en dus geen respect terugkreeg. Maar wat erger is: ik ken mijn eigen behoeftes niet meer. Dat uit zich in de kleinste dingen. Onlangs stond ik bij de bakker. Hij vroeg me: 'Wat wilt u mevrouw?' Ik antwoordde: 'Mijnheer, ik weet het niet.' Ik wist perfect welke koffiekoeken mijn man graag had en wat mijn kinderen prefereerden, maar mijn eigen smaak leek zoek. ik ben zonder aankopen en volledig ontdaan naar huis gegaan."

Dat lijkt extreem, maar wellicht herkennen vrouwen 'lichtere vormen' van beduusd achterblijven, niet meer weten wat hun voorkeuren en smaken zijn, of hun verlangens wat de liefde betreft.

Daar sta je dan als vrouw van thirtysomething. Levendig, bewust, met doelen in het leven maar ook met het besef dat je jarenlang in aanpassing ging. Zelfs in je zogenaamd bewuste handelen hield je meestal rekening met wat anderen dachten en bleef je minder trouw aan jezelf dan gedacht. Eens op zoek naar nieuwe relaties moet je vaststellen, zoals de vrouw bij de bakker: ik weet niet wat ik wil.

Het zou zo mooi zijn indien vrouwen trouw konden blijven aan zichzelf. Trouw blijven in de zin van: ik leer me goed te voelen in eigen vel, maar ik sluit me daar niet in op, ik straal dat uit en breng dat in verbinding met anderen. En ik weet: als ik mijn grens overschrijd, zal ik geleefd worden, uitgeput geraken en gefrustreerd achterblijven. Kortom, wat zich af en toe opdringt, is introspectie. Jezelf afvragen: 'Wat wil ik?' Zonder je egoïstisch of schuldig te voelen, wetend dat de stroom verdergaat, dat contacten onderhouden moeten worden, dat er gewerkt en liefgehad moet worden, en dat lichamelijke en andere behoeftes naar bevrediging zoeken.

Ik heb ondervonden dat het helpt om in twijfelperiodes lijstje te maken. Linkerkolom: dit wou ik. Middenkolom: dit deed ik. Rechterkolom: met dit gevoel bleef ik over, wat gaf ik en wat verloor ik. Eerlijk noteren biedt een mooi overzicht en als je van die lijstjes na dagen of weken een synthese maakt, kun je tot opmerkelijke conclusies komen. Je merkt duidelijk waar je behoefte werd ingelost en waar je capituleerde. Eigenlijk kan slechts één iemand het gepaste antwoord geven op de hierboven gestelde vraag: Jijzelf. Maar ... wie is dat?

Lut Celie
De Morgen, 14 februari 2009

Hoogste tijd om dat uit te zoeken!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen