zaterdag 11 januari 2014

Stress is a friend

Mmm. Dit bekijkt de boel toch weer eens van een andere kant.

woensdag 1 januari 2014

Aan al wie durft (een beetje is al genoeg)

Integraal overgenomen uit De Morgen, omdat geen woord teveel is, geen woord te weinig, omdat ik dit zelf had willen schrijven en je dit moet lezen, zo mooi. Bedankt Griet Op de Beeck. Ik hang aan uw rokken, ook in 't nieuwe jaar.

"Ik hou niet van deze tijd van het jaar. Te vroeg donker, te grote kou, te nadrukkelijk wegtikkende tijd, te veel zoete liedjes in de straten waar er leven is, te veel verplichte cadeaukoperij die niks te maken heeft met willen geven, te veel gelegenheidsnadenkers (dat is toch iets voor alle dagen, of tenminste de dagen waarop het er toe doet), te veel lege gesprekken op feesten waar je niet per se wou zijn, te veel in kleurig papier verpakte sokken onder kerstbomen, te veel opgewarmde diepvrieshapjes die eigenlijk naar niks smaken, te veel vuurwerk en te veel ongelukken met dat vuurwerk waar ze het dan in het journaal weer over moeten hebben, zoals over de kust bij mooi weer in die eerste zomerdagen, te veel mensen die denken dat ze zich eenzaam moeten voelen, omdat ze geloven dat die mensen met families rond de feestdis dat sowieso niet zouden zijn. En te veel zelfmoorden, overal, dat ook nog.

Maar net daarom denk ik nog heftiger dan anders: ons leven is van ons. Dus laten we leven – voluit en gretig – omdat we dat willen, en graag zien omdat we dat kunnen. Laten we beter leren weten. Laten we vergeten, laten we nooit vergeten. Laten we gaan tot ver voorbij dat ene punt, dat moment waarop we vrezen niet meer te kunnen, en laten we lief zijn voor wie dat nog niet kan. Laten we nietsontziend ontroerd raken. Laten we verleren hoe het moet, geloven dat het waar is, weten dat het zo niet verder kan. Laten we ons verbazen. Laten we nergens op voorbereid zijn. Laten we in goeie aarde vallen. Laten we ze openlaten: onze deuren, onze armen, onze geesten. Laten we mannen zijn uit veel kleine stukjes en vrouwen die ook eens durven niet te weten wat ze willen. Laten we slechte verliezers zijn, als het onszelf is die we kwijtgeraken. Laten we stilvallen, wegwaaien, terugkomen, opstaan, aanreiken, dromen, drinken en kussen. Laten we kussen. Laten we weten dat ja zeggen theoretisch altijd het mooist is en soms toch kiezen voor een nee, omdat we dat verdienen. Laten we stoppen met hopen en doen wat moet gebeuren om het te doen gebeuren. Laten we weten wat de feiten zijn en daar dan niet te veel rekening mee houden. Laten we afspreken dat geen enkele brug te ver is. Laten we onze geheimen harten koesteren, omdat Spinvis dat gezegd heeft. Laten we bekken openbreken. Laten we geen engelen zijn, maar als het kan toch ook geen duivels. Laten we mensen zijn. En helemaal onszelf worden, niet wie we denken dat anderen willen dat we waren. Laten we meezingen met de radio, ook als het een heel fout liedje is. Laten we alleen maar groene thee drinken als we dat echt lekker vinden. Laten we lopen tot we niet meer weten waar de straten zijn, en de luchten en het water. Laten we geloven dat het allemaal goud is wat blinkt. Laten we niet weten wat de grenzen zijn. Laten we redden wat er te redden valt, en diegene koesteren die daar meer moeite voor doen dan wijzelf. Laten we slapende honden keihard wakker maken. Laten we zacht zijn voor onze wilde harten, en ook voor dat van wie ons het dierbaarst is, en óók voor dat van die ene norse man op straat, die was vast gewoon even heel ongelukkig. Laten we weten wat we waard zijn. Laten we vasthouden wie dat verdient, laten we loslaten wie dat verdient. Laten we begrijpen wat de liefde is, laten we onthouden dat dat alles is, of toch bijna. Laten we durven. Driehonderdvijfenzestig dagen lang, en dan weer opnieuw.

Griet Op de Beeck"

Griet Op de Beeck is schrijfster van Vele hemels boven de zevende en werkt aan een nieuwe roman. Ze is columnist bij De Morgen en schreef deze 'Nieuwjaarsbrief'.

Warme wensen


Warme wensen voor 2014! Blijf gezond, geloof in jezelf en doe dat samen met de mensen die je lief hebt!

dinsdag 17 december 2013

woensdag 4 december 2013

Eindeloze milde open ruimte

Soms word je geconfronteerd met kwaadheid en verdriet van iemand die je graag ziet. En dan krijg je soms ook eens een mep in het gezicht terwijl je niet wist dat die eraan kwam. Dan heb je in eerste instantie de neiging om terug te slaan en te vechten, je te verdedigen of echt meppen waar het zeer doet. En dat leidt dan vaak tot steeds maar meer kwaadheid en verdriet. Deze actie en reactie drijft mensen uit elkaar, terwijl ze elkaar juist nodig hebben in moeilijke tijden. Als je die mep in het gezicht kan zien als noodkreet, als blijk van de onderliggende ellende, kan je makkelijker doen wat écht helpt op dit moment: een eindeloze veilige en milde open ruimte maken waar dat verdriet en die kwaadheid een plek kunnen krijgen. En die mens waar je van houdt eens goed vastpakken, want eigenlijk is het dat wat hij of zij nodig had. En dit is eindeloos eenvoudig en eindeloos moeilijk tegelijk. Maar het kan.

woensdag 6 november 2013

Growing older

“We must gain victory, not by assaulting the walls, but by accepting them.”

"[...] most of us were told in childhood that the way to conquer a difficulty is to fight it and demolish it. That theory is, of course, the one that should be taught to young people. Many of the difficulties we encounter in youth are not permanent; and the combination of a heroic courage, a resolute will, and a tireless persistence will often — probably usually — break them down. But in later years the essential elements in the situation change. We find in our little world prison-walls which no amount of battering will demolish. Within those walls we must spend our day — spend them happily, or resentfully. Under these new circumstances we must deliberately reverse our youthful technique. We must gain victory, not by assaulting the walls, but by accepting them. Only when this surrender is made can we assure ourselves of inward quietness, and locate the next step on the road to ultimate victory."

uit: James Gordon Gilkey, You Can Master Life, the Macmillan Company, New York, 1934

zondag 13 oktober 2013

Brief aan Erika Van Thielen

Geachte mevrouw Van Thielen, beste Erika,
ik heb net je noodkreet in De Morgen gelezen. Tonen dat je kwetsbaar bent, vergt heel veel moed ... soms de moed der wanhoop, maar het blijft een sterk gebaar. En daar sta je dan. Je hebt aan de wereld laten weten dat het eigenlijk niet zo goed met je gaat. Het is eindelijk geen geheim meer. Eindelijk niet meer doen alsof. En mensen hebben dan, zeker bij bv's, het gevoel dat ze moeten reageren. Ik pleit schuldig trouwens. Ik heb een aantal commentaren gelezen op je stukje. Sommige mensen voelen mee, kennen het gevoel en laten dat merken. Dat zijn de 'warme dekentjes'. Sommige mensen hebben hun oordeel snel klaar. Dat zijn de 'koude douches'. En eerlijk, van sommige commentaren word ik zowaar 'mottig'. Ik sta er versteld van dat mensen nog altijd durven ontkennen dat burn-out een werkelijk probleem is. Ze menen dat je het maar zelf moet oplossen, je snel herpakken en klaar, dat je jezelf in nesten werkt, dat je niet moet zagen en blij zijn met je leuke snoet en een (redelijk) vaste job. Ik wou dat mensen hun mond hielden over iets waar ze geen benul van hebben. Hou dus je mond over burn-out als je'r zelf geen gehad hebt! Ik heb er drie gehad plus een depressie, dus ik weet waar ik het over heb!
We oordelen dus meteen over een ander, maar we kunnen nooit in hun schoenen staan. En eigenlijk doen we het allemaal. Ook jij en ik. Het lijkt zo eenvoudig, feedback geven die je medewerkers een boost geven dat ze er weer een tijdje tegenaan kunnen in hun veeleisende jobs. Hoe dat dan wel moet gebeuren, is echter niet voor iedereen hetzelfde. Sommigen hebben een diep gesprek nodig, anderen dan weer niet. Die worden van een diep gesprek alleen maar zenuwachtig. De ene heeft opbouwende kritiek nodig, de ander tilt aan elke reactie zo zwaar dat hij er ongelukkig van wordt. Sommigen willen enkel een klein schouderklopje, maar hoe doe je dat? Je kan ook niet van mensen aflezen wanneer feedback nodig is en wanneer niet. En ook de leidinggevenden hebben het gevoel dat ze langs alle kanten bevraagd en belaagd worden en daar zelden erkenning voor krijgen. Ik was namelijk zowel diegene met een burn-out als de leidinggevende die er niet in slaagde om zijn medewerkers een hart onder de riem te steken. Dat had heel ongelukkige medewerkers en collega's tot gevolg. En daar ging ik uiteindelijk aan kapot. Leidinggevenden zijn dus ook maar mensen. Oordeel niet, want je staat niet in hun schoenen.
Misschien is het voor jou op dit moment nog moeilijk om dat aan jezelf toe te geven, maar burn-out is een relationeel probleem, zoals Luk De Wulf jou al schrijft in zijn brief. Toen het voor mij eigenlijk te laat was om nog enigszins terug te kunnen keren naar mijn vorige werkplek, las ik zijn boekje 'Help, mijn batterijen lopen leeg!'. Ik had meteen het gevoel dat het boekje over mij ging. Het beschrijft zo herkenbaar en haarfijn hoe ikzelf in een burn-out was beland. Ik hoop dat je het boekje snel eens oppikt en doorleest. Het is niet dik. Dat valt wel mee. Wat mij betreft was het een eye-opener. Het is tegelijk een beetje confronterend, want het geeft ook aan welke je eigen rol is in het verhaal, en dat willen we niet altijd weten. Ik hoop dat je dat experiment eens wil doen. Geef het misschien, zoals ik, ook cadeau aan je leidinggevende. Ik hoop nog steeds dat het haar misschien in de toekomst kan helpen om mensen met een dreigende burn-out sneller te 'onderscheppen' en dan de juiste dingen te doen. Wie weet helpt het jou om de vicieuze cirkel waar je in belandt bent te doorbreken.
Ik kon uiteindelijk niet meer terug naar mijn werkplek, de relaties met mijn collega's en medewerkers waren te ver verziekt. Ik heb zelf ontslag genomen. Ik kon niet ontslagen worden, want ik had geen enkele slechte evaluatie. Maar ik voelde aan dat ik er niet 'opnieuw kon beginnen'. Of ik durfde niet, dat kan ook. Van die beslissing ondervind ik nog elke dag de financiële gevolgen. Maar ik ben intussen wel een veel rijker en rijper mens en dat pakt niemand mij af. Kop op, dus, je geraakt hier ooit weer door. Je brief is wellicht het begin van een heel veranderingsproces zowel bij jezelf als op je werkplek. Die klok draait niemand nog terug. En dat is goed. Geef dit proces alle kansen.
Zorg intussen goed voor jezelf en zoek systemen om regelmatig uit de mallemolen te stappen. En praat met mensen die je echt helpen, zowel met warme dekentjes als opbouwende kritiek. Ik hoop dat je weer snel de creatieve drive terugvindt die je nodig hebt om verder te gaan.
Tot kijk of hoors!
e